Rasstandaard

Rasstandaard

De rasstandaard is een beschrijving van zowel het algemene beeld van de Old English Sheepdog. Tevens beschrijft deze zijn specifieke kenmerken en omvat de ideale vertegenwoordiger van het ras. Een keurmeester gebruikt de standaard om te beoordelen in hoeverre individuele dieren het ideaal benaderen.

De volgens de in de Fédération Cynologique Internationale (FCI) gemaakte afspraken wordt de standaard opgesteld door de officiële rasvereniging in het land van oorsprong. De standaard wordt door de FCI vervolgens in verschillende talen (maar niet in het Nederlands) gepubliceerd. In landen die niet bij de FCI zijn aangesloten, zoals Engeland en de Verenigde Staten, kan een afwijkende standaard van kracht zijn.

Van boven bezien toont het lichaam peervormig
Van boven bezien toont het lichaam peervormig

Algemene omschrijving van de Old English Sheepdog

Een sterke, vierkant tonende hond van grote evenredigheid en algehele soundness. Volkomen vrij van hoogbenigheid, geheel overvloedig behaard. Een stevig bespierde, goed ontwikkelde hond met een zeer schrandere uitdrukking. De natuurlijke contouren horen niet kunstmatig veranderd te worden door knippen of scheren. Een hond met een groot uithoudingsvermogen. De ruglijn loopt gedeeltelijk op. Van boven bezien toont het lichaam peervormig. Hij heeft een typische rollende gang bij de telgang of stap. De blaf heeft een kenmerkende klank.

Belangrijke proporties

De neuslengte is de helft van de totale lengte van het hoofd. De hond staat lager bij de schoft dan de lendenen.

Gedrag/temperament

Een gezeglijke hond met een gelijkmatig karakter. Onverschrokken, trouw en betrouwbaar, zonder een spoor van zenuwachtigheid of niet uitgelokte agressiviteit.

Hoofd

Is in goede verhouding tot de maat van het lichaam.

Schedel

Ruim, nogal vierkant, goed gewelfd boven de ogen.

Stop

Didelijke geproportioneerd

Neus

De neus is groot en zwart, de neusvleugels ruim.
Voorsnuit: Sterk vierkant en afgeknot.

Kaak en gebit

De tanden zijn sterk, groot en regelmatig geplaatst. Schaargebit. Sterke kaken, met een volmaakt, regelmatig met een volledig schaargebit, te weten de boventanden nauw sluitend over de ondertanden en recht op de kaak geplaatst. Een tanggebit is aanvaardbaar, doch onwenselijk.

Ogen

De ogen staan ruim uit elkaar. De ogen zijn donker of “walleyed” (1 bruin, 1 blauw). Twee blauwe ogen zijn aanvaardbaar. Lichte ogen zijn onwenselijk. Pigmentatie van de oogranden is gewenst.

Oren

De oren zijn klein en worden plat tegen het hoofd gedragen.

Hals

Tamelijk lang, sterk, en sierlijk gebogen.

Lichaam

Tamelijk kort en gedrongen. De hond staat lager bij de schoft dan bij de lendenen.

Lendenen

Zeer stevig, breed en licht gebogen.

Borstkas

Diep en ruim. De ribben goed gewelfd.

Staart

Onopvallend wanneer de hond staat. Laag aangezet. Nooit gekruld of over de rug gedragen, en zonder duidelijke knik. Goed behaard met overvloedige hard gestructureerde vacht.

Voorhand

De voorbenen zijn volmaakt recht, de beenderen zwaar, zij tillen het lichaam goed van de grond.

De voorbenen zijn volmaakt recht

Schouders

De schouders horen goed schuin te liggen en zijn nauwer bij de schoft dan bij de schouderpunten. Beladen schouders zijn onwenselijk.

Ellebogen

Sluiten goed aan langs de ribben.

Achterhand

Dicht behaard, rond en gespierd.

Knie

Goed gebogen.

Tweede dij

Lang en goed ontwikkeld.

Hak

Is laag. Van achteren bezien moeten de hakken recht staan.

Van achteren bezien moeten de hakken recht staan.

Voeten

Niet naar binnen of naar buiten gedraaid. klein, rond en stevig, de tenen goed gebogen, de zolen dik en hard. De wolfsklauwen behoren verwijderd te zijn.

Beweging

Van achteren bezien, toont de hond bij het gaan een rollende beweging, als van een beer. Bij het draven strekt hij moeiteloos uit en heeft hij een sterk stuwende achterhand, terwijl de poten recht in de lijn van de voortbeweging gaan. Hij beweegt zeer soepel in galop. Bij lage snelheid gaan sommige honden in telgang. Bij het gaan wordt het hoofd soms van nature lager gedragen.

Vacht

Overvloedig en van een goede, harde structuur, niet glad, maar ruig en vrij van krul. De ondervacht vormt een waterdichte laag. Hoofd en schedel zijn goed bedekt met haar, de oren zijn matig behaard, de hals is goed behaard, de voorpoten zijn rondom goed behaard, de achterhand is zwaarder behaard dan de rest van het lichaam. De kwaliteit en structuur van de vacht zijn belangrijker dan alleen de lengte.

Kleur

Iedere tint grijs, grauw of blauw. Lichaam en achterhand aaneengesloten van kleur, met of zonder witte sokken. Witte vlekken (flashes) in het gekleurde gebied zijn ongewenst. Hoofd, nek, voorhand en onderbuik zijn wit, met of zonder aftekening. Iedere tint bruin is ongewenst.

Formaat

61 Centimeter en groter voor de reuen, 56 centimeter en groter voor de teven. Type en evenredigheid zijn van het grootste belang en mogen in geen geval worden opgeofferd aan het formaat alleen.

Fouten

Iedere afwijking van de hiervoor genoemde punten dient als fout te worden aangerekend en de ernst waarmee de fout moet worden aangerekend hoort evenredig te zijn met de mate waarin de fout zich toont en de invloed ervan op de gezondheid en/of het welzijn van de hond. Elke hond die duidelijk psychische- of gedrags afwijkingen, vertoont dient gediskwalificeerd te worden.

NB: reuen dienen twee normaal ingedaalde testikels te hebben.

Deel deze pagina